Als ik vroeger in een vriendenboekje moest invullen wie mijn
idool was had ik daar de grootste moeite mee. Ik deed niet aan heldenverering –
nog steeds niet, eigenlijk. Toch zou ik dat regeltje van ‘idool’ nu niet meer
leeg laten of er een sticker overheen plakken – ik weet precies welke naam ik er in zou vullen. De naam van mijn opa:
Dick van der Tang. Goed, mijn opa is geen idool, maar wel iemand waar ik naar
opkijk. Hij is nu 88 jaar oud. Twee jaar geleden is mijn oma na een lang
ziektebed overleden – sindsdien is hij alleen. Maar denk maar niet dat hij
achter de geraniums gaat zitten wegkwijnen als ‘eenzame oudere’ – in tegendeel.
Hij gaat op pad. Niet naar Leiden, waar hij vlak bij woont, maar naar Lelystad
(‘niks te beleven’, aldus opa), Assen, Gouda of Arnhem. Allemaal met de trein.
Hij heeft zelfs een OV-chipkaart en weet beter hoe dat ding werkt dan sommige
mensen van mijn leeftijd. Als hij dan in een vreemde stad is, gaat hij het gesprek aan met mensen die hij niet kent.
Vaak levert dat interessante gesprekken op, waar hij met een grote glimlach
over vertelt. Dat is echter niet het enige wat hem zo bijzonder maakt.
Voor een man van 88 die nooit een goede opleiding heeft
kunnen volgen – eerst kwam de crisis, toen de oorlog – weet hij heel veel.
Dingen over geschiedenis, maar ook dingen die te maken hebben met de
actualiteit. Hij zou kunnen zeggen ‘ach, ik ben oud, wat maakt het mij nog uit’,
maar dat doet hij niet. Hij leest de krant, verschillende opiniebladen en
boeken. Dat bewonder ik heel erg.
De boeken die ik net noemde zijn belangrijk – zowel voor
mijn opa als voor mij. Hij heeft er ontzettend veel. Als mijn lieve opa komt te
overlijden - ik hoop dat dat moment nog
heel lang op zich laat wachten – zal ik er persoonlijk voor zorgen
(waarschijnlijk bijgestaan door mijn vader, al net zo’n boekengek) dat er niets
weg gaat. Als er dan toch iets weg moet, dan gaat dat naar de kringloopwinkel.
Niet naar het oud papier – opa zou zich omdraaien in zijn graf. Er zitten echt
pareltjes in z’n collectie, boeken met een verhaal. Een boek dat voor €1 bij de
kringloopwinkel vandaan kwam en waar een echte Jodenster in bleek te zitten.
Een bijbeltje uit 1800 dat in een doosje langs de kant van de weg stond, klaar
om te worden opgehaald door het oud papier en gered door mijn opa. Alle delen
van ‘het aanzien van…’ vanaf 1962. Ik kan zo nog wel even doorgaan, maar ik
denk dat mijn punt duidelijk is.
Verder is mijn opa gewoon een hele wijze man, met veel wijze
raad. Zo wijs zouden meer mensen moeten zijn – dat zou de wereld een stuk
leefbaarder maken.
Ik ben dankbaar voor m’n opa en ik probeer dan ook zoveel
mogelijk en zolang het nog kan van zijn wijsheid en kennis te genieten. Verder
ben ik van plan om binnenkort zijn bijzondere levensverhaal op te schrijven.
Dat zal dan ook hier te lezen zijn. Ik hoop dat ik op net zo’n manier oud mag
worden als mijn opa: kalm, vriendelijk en vooral wijs.
Wauwie supermooi :)
BeantwoordenVerwijderen